De volgende dag
vertrekken we met de bus naar Trondheim. Al snel volg je de loop van de rustige
en schilderachtige Gudbrandsdalslagen rivier die zich door de vallei slingert.
De weg ligt vaak vlak naast het water, met uitzicht op groene heuvels en
boerderijen. Nabij de boerderijen in Noorwegen op de velden zie je vaak
hooibalen of kuilvoerbalen gewikkeld in witte folie. Dit is een veelgebruikte
methode om gras of hooi luchtdicht te verpakken en te conserveren voor veevoer.
De folie sluit de balen af van zuurstof, waardoor het gras fermenteert tot
kuilvoer, een voedzaam en houdbaar veevoer. De witte folie reflecteert zonlicht
en helpt de inhoud koel te houden, wat belangrijk is in de zomer. Het beschermd
ook tegen regen, sneeuw, vogels en schimmels. De boeren kunnen de balen direct
op het veld laten liggen, zonder dat ze meteen naar een schuur moeten worden
gebracht. Dit bespaart tijd, transport en opslagruimte.
Op een gegeven
moment verbreedt de Gudbrandsdalslagen rivier tot het riviermeer Losna. Hier
krijg je een weidser uitzicht, met reflecties van bergen en bossen in het
water. De rit voert je door een typisch Noors landschap met houten huizen,
glooiende velden en af en toe een berg op de achtergrond. We rijden eerst naar
de Ringebu Staafkerk, dat majestueus op een heuvel ligt met uitzicht over de
vallei. De rivier die ik zie liggen en stroomt in de nabijheid van de Ringebu
Staafkerk, heet de Sjoa rivier. Dit is een zijrivier van de grotere
Gudbrandsdalslagen rivier. In alle rust kan je hier genieten van de prachtige
landschappen rond de Ringebu Staafkerk.
De Ringebu
Staafkerk is één van de meest iconische en best bewaarde staafkerken van
Noorwegen. De staafkerk werd gebouwd rond het jaar 1220, op de plek van een
oudere houten kerk uit de 11de eeuw. Voor de kerk maken we eerst een
groepsfoto. Nadien kunnen we deze statige kerk met een robuuste uitstraling gaan
bewonderen. Wat mij direct opvalt is de opvallende rode toren. Deze toren werd
toegevoegd tijdens een grote renovatie in het jaar 1631. De kerk is omringd
door een goed onderhouden kerkhof, waar elk graf vaak een klein tuintje heeft.
Zoals andere staafkerken is Ringebu volledig van hout gebouwd, zonder spijkers.
De constructie bestaat uit verticale houten palen en planken die op grondbalken
rusten. De verticale houten palen of staven dragen het dak en de muren. De kerk
is gebouwd in kruisvorm. Ik ben zelf niet naar het interieur binnen in de kerk
gaan kijken. Aan de achterzijde van de Ringebu Staafkerk staan er meerdere
grafstenen rechtop naast elkaar opgesteld onder een houten overkapping.
Hierdoor zijn ze beschermd tegen weer en wind. Veel van deze grafstenen zijn
oud en dragen inscripties uit de 18de en 19de eeuw. Ze
zijn naar hier verplaatst van hun oorspronkelijke plek om ze beter te bewaren.
In 1814 diende de kerk als een verkiezingskerk tijdens de eerste nationale
verkiezingen van Noorwegen, waarbij afgevaardigden werden gekozen voor de
grondwettelijke vergadering in Eidsvoll en wat haar een belangrijke plaats in
de Noorse geschiedenis geeft.
In Noorwegen zijn
vandaag de dag nog 28 originele staafkerken bewaard gebleven. Dat is een klein
aantal vergeleken met het verleden: historici schatten dat er ooit tussen de
1300 en 2000 staafkerken in het land stonden, gebouwd in de middeleeuwen toen
het christendom zich verspreidde. Elke staafkerk is uniek, met variaties in
grootte, houtsnijwerk en bouwstijl. Ze zijn vaak versierd met motieven uit de
Vikingtijd.
We rijden verder
richting Trondheim via de E6 weg en langs de Gudsbrandsdalslagen rivier. Plots kan
ik een houten huisje zien met aan de voorkant een groot doek met opschrift:
“Peer Gynt”. Peer Gynt is een
legendarisch figuur uit Noorse volksverhalen, vereeuwigd in het beroemde
toneelstuk van Henrik Ibsen uit 1867. Het was een egocentrische man die de
wereld rondreist en allerlei ervaringen opdoet, zowel in Noorwegen als
daarbuiten. Peer Gynt is een verhalenverteller, dromer, avonturier en fantast,
wat een symbool is van de Noorse ziel, vol natuur, mystiek en zelfreflectie. We
rijden nu door het dorp Vinstra en dit wordt beschouwd als de geboortestreek
van de historische Peer Gynt. Sinds 1928 wordt het Peer Gynt Festival gehouden
in Vinstra met toneel, muziek, kunst en lezingen. Het festival is diep
geworteld in de lokale traditie.
De bus stopt even
voor een pauze in Dombas. Aan de overkant van de weg kan ik de charmante Dombas
kerk zien. Deze kerk werd in 1939 gebouwd en is gemaakt van lokale steen en
leisteen. Op 20 februari 2020 werd de kerk zwaar beschadigd door een
aangestoken brand. De kerk werd volledig gerestaureerd en heropend in 2021 met
behoud van het oorspronkelijke ontwerp.
Na deze stop
rijden we met de bus verder naar Trondheim. Meestal rijden we langs een rivier
op weg naar Trondheim. De weg slingert door het landschap, met afwisselend open
vlaktes en bergpassen. Voor het eerst kunnen we ook besneeuwde bergtoppen zien
in het landschap.
We komen aan in
Trondheim en stoppen nabij de Nidaros Domkerk. We krijgen eerst wat vrije tijd
om rond te wandelen. Langs de zijkant van de Domkerk zie ik vrouwen in
traditionele Noorse klederdracht naar buiten komen. Men noemt deze traditionele
Noorse klederdracht ook een bunad die bij speciale gelegenheden wordt gedragen,
zoals nationale feestdagen, bruiloften, doopfeesten en jubilea. Er zijn meer
dan 450 verschillende bunads, elk met een uniek ontwerp dat afkomstig is uit
een specifieke regio in Noorwegen. Elke regio in Noorwegen heeft zijn eigen
specifieke bunad met eigen kleuren, patronen en borduurwerk. Bunads worden vaak
met de hand gemaakt en geborduurd, waarbij traditionele technieken worden
gebruikt. De bunad is een symbool van Noorse identiteit en cultureel erfgoed.
Op dagen zoals 17 mei, de Noorse nationale feestdag, dragen veel Noren hun
bunad als teken van trots en verbondenheid. In het algemeen is het dragen van
een bunad een teken van respect, trots en verbondenheid met de Noorse cultuur.
De Nidaros Domkerk is een nationaal heiligdom, dus het is vaak het toneel van
officiële vieringen, herdenkingen en culturele evenementen. De Domkerk is hier
regelmatig het decor voor concerten, festivals of pelgrimsvieringen, waarbij
deelnemers zich kleden in bunad om de Noorse identiteit te vieren.
Nidaros is
eigenlijk de oude naam van Trondheim en betekent ongeveer “monding van de
rivier Nidelva”. Ik wandel naar de voorkant van de Nidaros Domkerk. De voorkant
met haar indrukwekkende beeldhouwwerk en gotische details vallen direct op. Je
ziet meer dan 60 beelden van heiligen, koningen en Bijbelse figuren. Eveneens
zie je gotische spitsbogen, een roosvenster en sierlijke ornamenten. Het is
gebouwd uit donkere speksteen die het geheel een mystieke uitstraling geeft. De
glas-in-loodramen zijn geplaatst in spitsbogen van speksteen, wat het contrast
tussen het donkere steen en het heldere glas versterkt. De ramen bevatten diepe
tinten blauw, rood, groen en goud, die samen een mystieke sfeer creëren. De
façade is een meesterwerk van middeleeuwse beeldhouwkunst en werd in de 19de
en 20ste eeuw deels gerestaureerd om zijn oorspronkelijke glorie te
herstellen. De bouw van de Domkerk is begonnen in 1070 en voltooid in de 13de
eeuw. Het is gebouwd boven het graf van Olav de Heilige, de Vikingkoning die
Noorwegen christelijk maakte. Het was eeuwenlang het belangrijkste pelgrimsoord
van Noord-Europa. Het diende als kroningskerk voor Noorse koningen tot 1906.
Daarna ga ik naar
een binnenplaats van het Aartsbisschoppelijk paleis, een historisch complex dat
eeuwenlang het machtscentrum van de Noorse kerk was. De plek is omgeven door
middeleeuwse gebouwen en grenst aan de Domkerk en de rivier Nidelva. Op de
binnenplaats, die ook wel Borggarden wordt genoemd, zie ik ambachtelijke
markten met keramiek, wollen truien, spekemat, sierraden en kunst. Spekemat is
een typisch Noorse delicatesse die bestaat uit gerookt en gezouten vlees, vaak
geserveerd als een koud buffet of borrelplank. Het is zowel traditionele
feestkost als een populaire keuze voor alledaagse gezelligheid. Je kan ook zien
dat er hier workshops worden gegeven aan kinderen zoals beeldhouwen, smeden,
steenhakken en archeologie. Er zijn hier ook theatervoorstellingen voor jong en
oud. Het is eigenlijk het jaarlijkse evenement “Sommer i Borggarden” in juli
dat hier op de binnenplaats van het Aartsbisschoppelijk paleis plaatsvindt. Het
festival brengt oude ambachten en Noorse tradities tot leven in een historische
setting. Je kan hier ook zien hoe vaklieden werken aan de restauratie van de
Nidaros Domkerk. Het is een mix van cultuur, geschiedenis en creativiteit. Ik
kan hier op de binnenplaats ook 2 kleine kanonnen zien. Kanonnen zoals deze
werden gebruikt om de binnenplaats en toegang tot het paleis te beschermen, al
waren ze waarschijnlijk meer ceremonieel dan strategisch.
Nabij het
Trondheim Kunstmuseum kan ik nog een opmerkelijk kunstwerk zien. Dit
kunstwerk wordt herkend als een
symbolische sculptuur die elementen van architectuur, spiritualiteit en
kosmologie combineert. Opvallend is de gouden bol met uitsteeksels bovenaan.
Het doet sterk denken aan een zonnesymbool, wat vaak staat voor leven, energie
en verlichting. Een beetje verder kan ik nog een prachtig beeld zien van een
bronzen wolvin. Het is een replica van een beroemd beeld in de stad Rome in
Italië.
Ik keer terug
naar de bus waar we een rondleiding zullen starten met een lokale gids. We
wandelen eerst terug naar de voorkant van de Nidaros Domkerk met zijn prachtige
façade en vervolgens gaan we gaan kijken naar de achterkant van de Nidaros
Domkerk. Deze achterkant van de Domkerk is ouder dan de imposante voorkant en
toont een mix van romaanse rondbogen en gotische spitsbogen. Hier heerst er wel
een rustige sfeer in tegenstelling tot de voorkant. Je kan hier ook de ingang
tot een kapel zien en die ingang is rijkelijk versierd met een boog vol
middeleeuwse details.
We wandelen
verder en komen het standbeeld van Thomas Angell tegen. Het is een
indrukwekkend monument dat bestaat uit een hoge obeliskvormige zuil, met een
nis waarin een bronzen buste van Angell is geplaatst. Het is een obelisk van
ongeveer 5 meter hoog. De obelisk heeft een puntige top. Thomas Angell (1692 -
1767) was een invloedrijke figuur in Trondheim. Het was een koopman,
landeigenaar, mijnbezitter en vooral een filantroop die zijn stad Trondheim
blijvend heeft gevormd. Hij wordt vaak gezien als één van de grootste
weldoeners van Trondheim. Zijn nalatenschap leeft voort in de sociale
infrastructuur van de stad. Tegenover het standbeeld zie je een groot
monumentaal gebouw dat het “Thomas Angells Hus” is. Het is na zijn overlijden
tussen 1770 en 1772 gebouwd. Het gebouw is gebouwd met het nalatenschap van
Thomas Angell. Tegenwoordig bevat het gebouw appartementen voor senioren en
kantoorruimtes.
Een beetje verder
komen we aan de Bybrua of Oude stadsbrug. Dit is een charmante en historische
brug en vanaf hier kan je een kleurrijke rij houten pakhuizen op palen zien
langs het water van de rivier Nidelva die samen een iconisch beeld vormen van
de stad. De brug werd oorspronkelijk gebouwd in 1681 na een grote stadsbrand.
De huidige constructie dateert uit 1861. De brug is rood geverfd en heeft een
karakteristieke poort genaamd Lykkens Portal of Poort van Geluk, genoemd naar
een populaire Noorse wals. Volgens traditie brengt het geluk als je de brug
oversteekt. Zo stond er hier een koppel in trouwkledij op de brug trouwfoto’s
aan het maken terwijl ze innig elkaar aan het kussen waren. Wat een heerlijk
tafereel op de “Brug van Geluk” in Trondheim! Dit zorgt zeker voor veel
huwelijksgeluk.
De houten
pakhuizen in felle kleuren zoals rood, geel en bruin, gebouwd op palen boven
het water, dateren uit de 18de eeuw. De pakhuizen werden
oorspronkelijk gebruikt voor de opslag van goederen zoals vis, graan en hout.
Tegenwoordig zijn veel ervan omgebouwd tot cafés, restaurants en galerieën.
Vanaf de brug heb je een prachtig uitzicht op deze kleurrijke gevels, vooral bij
zonlicht. Het is eigenlijk wel een mooie plek om te genieten van dit deel van
Trondheim.
We wandelen
verder naar het centrale stadsplein en het standbeeld van Olav Tryggvason vormt
het indrukwekkende middelpunt ervan. Het plein is een populaire ontmoetingsplek
omringd door winkels, cafés en historische gebouwen. Het plein is grotendeels
autovrij, waardoor het een aangename plek is om te wandelen en te genieten van
het stadsleven. Het monument werd opgericht in 1921 ter ere van Olav
Tryggvason, de stichter van Trondheim en koning van Noorwegen van 995 tot 1000
na Christus. Het beeld staat op een 18 meter hoge zuil. Olav wordt afgebeeld
met een zwaard en een bol met een kruis erop, symbool van koninklijke macht.
Aan zijn voeten ligt het hoofd van Thor, wat symboliseert hoe Olav het heidense
geloof overwon en het christendom introduceerde. Zijn blik is gericht op
Munkholmen, een eilandje met een rijke geschiedenis net buiten de stad.
Vervolgens
trekken we naar het Stiftsgarden Park. Het is een symmetrisch aangelegde tuin
in Rococo stijl. De tuin bevat een centrale fontein en bloemperken en het
fungeert als een openbare groene plek. Ook in deze tuin staan er standbeelden
en deze hebben gevleugelde fans. De ware heersers van deze monumenten zijn de
meeuwen. Ze kiezen een plek hoog op het hoofd van het trotse standbeeld van een
koning, held of een historische grootheid. Ze laten dan op de kop van het
standbeeld hun artistieke handtekening na, namelijk een witte druipende
meeuwenpoep.
Tegenover het
park zien we de Stiftsgarden. Dit is de koninklijke residentie van de Noorse
koning wanneer hij Trondheim bezoekt. Het is het grootste houten paleis in
Scandinavië, met meer dan 100 kamers. Het is gebouwd tussen 1774 en 1778. Het
was oorspronkelijk bedoeld als privéwoning, maar verkocht aan de staat in 1800.
Sinds 1818 wordt het gebruikt als koninklijke residentie, vooral bij kroningen
in de nabijgelegen Nidaros Domkerk. De façade van het gebouw is strak en
symmetrisch en het is typisch neoklassiek, terwijl de decoratieve details
Rococo zijn.
We wandelen
verder en in de winkelstraat “Thomas Angell gate” zien we dat er in de lucht
verschillende gekleurde regenschermen aan draden hangen, waardoor een vrolijke
en fotogenieke sfeer ontstaat. De vele kleurrijke schermen trekken de aandacht
van voorbijgangers en maken de straat levendiger. Het is bedoeld om de stad op
te fleuren en bezoekers aan te trekken. Dit kleurrijke straatkunstproject staat
bekend als “Umbrella Street”.
Een beetje verder
komen we aan nabij de ingang van het station van Trondheim. Het gebied straalt
hier een mix uit van historie, levendigheid en vernieuwing. Je ziet hoe
Trondheim zijn erfgoed koestert, terwijl het ook ruimte maakt voor moderne
infrastructuur en stadsvernieuwing. Aan de overkant van de Nidelva rivier kan
je weer langs het water verschillende kleurrijke oude houten pakhuizen zien in
rood, geel, groen en blauw. Ditmaal staan ze niet op palen in het water, maar zijn
ze gebouwd op vaste grond aan de oever. Ze dateren uit de 18de en 19de
eeuw. De oude houten pakhuizen zijn hier ook omgebouwd tot woningen, cafés of
bedrijfskantoren. Ik merk ook veel kleine boten aangemeerd, wat wijst op
recreatief gebruik van de rivier en een maritieme sfeer.
Nadien wandelen
we over een brug die gaat over verschillende treinsporen nabij het station van
Trondheim. Daarna zien we een haven en dit is een onderdeel van het gebied rond
Brattora. Je ziet hier een levendige mix van commerciële scheepvaart,
veerdiensten, pleziervaartuigen en kleine boten. Rond deze haven kan je moderne
gebouwen zien zoals het Rockheim museum en zakenkantoren. Rond deze haven kan
je verschillende kunstwerken tegenkomen. Het meest opvallende kunstwerk had de
vorm van een gele miniduikboot met bovenaan trechtervormige elementen. Trondheim
heeft een sterke band met maritieme innovatie en dit kunstwerk lijkt dit te
reflecteren. Het staat symbool voor ontdekking, technologie en maritieme
geschiedenis. Deze haven is een belangrijk knooppunt voor zowel transport als
recreatie en vormt een toegangspoort tot de Trondheimfjord.
In de verte zien
we het eiland Munkholmen liggen. Het ligt op ongeveer 1,3 km ten noordwesten
van Brattora en midden in de Trondheimfjord. Tijdens de Vikingtijd werd het
gebruikt als executieplaats. Rond het jaar 100 is het omgevormd tot een
Benedictijns klooster. Later werd het gebruikt als fort en staatsgevangenis. In
de tweede wereldoorlog werd het door de Duitsers ingericht als
luchtafweerstation. En nu is het een populaire zomerbestemming met een café,
strand, rondleidingen en historische gebouwen.
We wandelen nu
terug en gaan richting ons hotel in Trondheim. Vanaf hier gaan we nog over
een licht gebogen voetgangers- en
fietsbrug, die de bloemenbrug is. Je kan aan weerszijden langs de randen van de
brug bloembakken zien met kleurige bloemen. De brug heeft een subtiele kromming,
wat haar een elegante uitstraling heeft. We komen nu terecht in het bruisende
gebied van Solsiden. Het is een moderne wijk vol restaurants, cafés en winkels
gelegen aan het water. Dit gebied is hier een populaire plek in Trondheim. Dit
was hier vroeger een industriële zone met scheepswerven, magazijnen en
havenactiviteiten. In de jaren 1990 en 2000 is het getransformeerd tot een
moderne stadswijk met behoud van historische elementen zoals oude pakhuizen. Je
vindt hier een mix van moderne architectuur en historische charme. Je kan hier
langs het water nog 2 grote takelkranen zien. De kranen herinneren aan de tijd
dat hier schepen werden gebouwd en gerepareerd en geven het gebied een ruwe en
industriële esthetiek. Hun aanwezigheid tussen moderne cafés, restaurants en
appartementen zorgt voor een contrast tussen oud en nieuw, wat kenmerkend is
voor Solsiden. Hier beëindigen we de rondleiding met de lokale gids in
Trondheim.
Na het avondeten
in een restaurant in het bruisende gebied van Solsiden maak ik nog een
wandeling doorheen Trondheim. Zo wandel ik met enkele medereizigers nog langs
de verschillende houten pakhuizen aan de Nidelva rivier en wandel nog eens over
de Bybrua of Oude stadsbrug. Deze wandeling is een perfecte manier om Trondheim
te ervaren: rustig, kleurrijk, historisch en levendig tegelijk. Ik geniet van
deze wandeling. Het is ook mooi om de bloemenbrug aan de andere kant van het
water te bewonderen. Hier kom ik nog het oorlogsmonument Krigsseilerplassen
tegen. Het is een monument ter nagedachtenis aan de Noorse zeelieden die
tijdens de Eerste en Tweede wereldoorlog sneuvelden. Het monument herdenkt hun
moed, opofferingen en de vaak vergeten rol die ze speelden in de strijd voor
vrijheid. Het is hier een rustige plek aan het water en dus ideaal om even stil
te staan bij deze geschiedenis. Niet zo ver hier vandaan kom je het Trondheim
maritiem museum tegen. Hier kan je de maritieme geschiedenis van Trondheim
ontdekken en dit van de 17de eeuw tot vandaag. Na de wandeling keer
ik terug naar het hotel.
Ik merk dat er
rond middernacht nog een lichte schemering zichtbaar is, vooral aan de
noordelijke horizon. Of je zou het kunnen beschrijven dat er om middernacht een
zilveren gloed hangt boven de stad. De zon zakt in juli niet diep genoeg onder
de horizon om volledige duisternis te veroorzaken. De zon weigert helemaal te
verdwijnen. De avondschemering vloeit over in de ochtendschemering, zonder een
duidelijke nacht ertussen. Je kan een soort grijze band aan de horizon zien
hangen tijdens de nacht en dan zie je soms zelfs lichtende wolken.
Na een stevig
ontbijt zijn we klaar om met de bus naar de stad Kristiansund te rijden. We
rijden door een rustig landelijke omgeving met soms uitzicht op de bergen. We
komen op een slingerende kustweg langs fjorden, bossen en dorpen. We maken
eerst een korte stop waarbij we vanop hoogte een prachtig uitzicht hebben over
een fjord. Je merkt rustig water, omringd door groene bergen. Rond het fjord
zie je verspreidde boerderijen en kleine nederzettingen. De buschauffeur
claxonneerde even opdat we niet te lang zouden genieten van deze natuurpracht.
We moeten namelijk op tijd in Tommervag zijn om de veerboot te halen. Onderweg
naar Tommervag kan ik een felgekleurde rode kerk zien. Dit is een lokale
parochiekerk en zijn vaak gebouwd in de 19de of vroege 20ste
eeuw en hebben een Scandinavische stijl. Het is een houten constructie met een
felgekleurde rode verf en het heeft een torenspits.
In Tommervag
kunnen we met de bus op een veerboot rijden die ons naar het dorp Seivika
brengt. Noorwegen heeft een grillige kustlijn met duizenden fjorden en
eilanden. Wegen kunnen niet overal komen, dus zijn veerboten vaak de enige
verbinding. Veel veerboten worden gesubsidieerd en beheerd door de overheid,
zodat ze betaalbaar en betrouwbaar blijven. We kunnen tijdens het varen de bus
verlaten en genieten op de boot van de omringende landschappen. Eigenlijk
verloopt het veerbootverkeer hier vlot en er is een snelle boarding van bussen
en andere voertuigen. Het staat dan ook bekend om zijn efficiëntie, stiptheid
en gebruiksgemak. Het is alsof je gewoon een verlengstuk van de weg neemt over
het water.
We rijden
vervolgens verder met de bus naar de stad Kristiansund. Ik wandel eerst even
naar de haven. Daar kan ik een standbeeld zien van een vrouw met een vis, dat
het symbool is voor de klipvisindustrie. Klipvis is gespleten, gezouten en
gedroogde kabeljauw. De vis werd eerst gespleten en gezouten aan boord van
vissersschepen. De naam klipvisindustrie komt van het traditionele droogproces.
De vis werd op rotsen of klippen aan de zee gelegd om te drogen. Het proces van
drogen kon 4 tot 6 weken duren. In het hoogseizoen werkten er tot wel 150
mensen, waaronder veel vrouwen en kinderen. Deze methode werd geïntroduceerd in
Kristiansund rond 1700 en groeide uit tot een belangrijke exportindustrie. Ik
kan nog een ander monument zien van een metalen wereldbol die op een sokkel
staat. Dit monument vertegenwoordigd de wereldwijde export van klipvis vanuit
Kristiansund naar de rest van de wereld. De bol toont hoe een lokaal product
uit Noorwegen een wereldwijde economische impact heeft gehad.
Noorwegen heeft
een heerlijke traditie van zoete bakkerijproducten. In een bakkerij koop ik dan
een kaneelbroodje voor tijdens de middagpauze. Je kan het kaneelbroodje vinden
in bijna elke Noorse bakkerij. Ze smaken zoet, zacht en kruidig door de
combinatie van boter, suiker en kaneel.
Na deze stop in
Kristiansund rijden we verder richting Atlantic Road. Het is een spectaculaire
toeristische autoroute en het verbindt het eiland Averoy met het vasteland via
acht bruggen, viaducten en dammen. De weg, ook wel “Atlanterhavsvegen” genoemd,
is een populaire attractie en staat bekend om zijn adembenemende uitzichten
over de Atlantische Oceaan. Het is ongeveer 8,3 km lang. Deze weg is voltooid
in 1989 na zes jaar bouwen. De route slingert zich door een ruig kustlandschap
met fjorden, rotsen en open zee. Met de bus stoppen we nabij een korte
wandelroute rond een heuvel. Het geeft ons de tijd om de natuur hier te
bekijken en ook vanop een afstand naar de krommingen van de Storseisundbrug te kijken.
Je hebt vanaf het wandelpad een panoramisch uitzicht op de brug en de oceaan.
Het is een brug met een opvallende, gebogen vorm. De Storseisundbrug is een
betonnen kokerbrug, met een totale lengte van 260 meter en een
hoofdoverspanning van 130 meter. Het heeft een hoogte van 23 meter boven het
wateroppervlak. Het is eigenlijk een kunstwerk van beton en natuur. Na deze
wandeling zullen we met de bus over deze brug rijden.
Daarna rijden we
naar het vissersdorp Bud. Hier wandelen we eerst langs de kade door de oude
haven. Bud heeft een authentieke visserscultuur die je voelt in de kleine
haven. Bud was ooit één van de grootste handelsplaatsen tussen Bergen en
Trondheim in de 16de eeuw. Hier voel je de rust van een traditioneel
Noors dorp. Je kan hier kleurrijke traditionele Noorse vissershutten zien.
Vanaf de haven maak ik een korte wandeling naar omhoog via trappen en dan kom
je op een uitzichtplateau. Je hebt hier een wijd uitzicht over de oceaan, met
een eindeloze horizon. Als je je omdraait, heb je een mooi overzicht over het
schilderachtige dorpje Bud. Je kan hier bunkers, kanonnen en een Duitse radar
uit de tweede wereldoorlog zien. Tijdens de Tweede Wereldoorlog versterkten de
Duitsers Bud en het nabijgelegen kustgebied in afwachting van een geallieerde
invasie. Het laat eigenlijk zien hoe belangrijk Bud strategisch was tijdens de
oorlog. Het is een goed bewaard gebleven Duitse kustverdediging uit de Tweede
Wereldoorlog. Verder zie ik hier nog een gedenksteen, die een obeliskachtige
structuur heeft. Het obeliskvormige monument herdenkt een nationaal politiek
overleg, dat in 1533 plaatsvond in het vissersdorp Bud, ver voordat het Duitse
fort hier werd gebouwd. Het doel was om de Noorse onafhankelijkheid en de macht
van de katholieke kerk te beschermen tegen de groeiende invloed van Denemarken
en het protestantisme. Op de terugweg naar de bus passeer ik nog het charmante
wit kerkje van Bud met een geschiedenis die teruggaat tot de 18de
eeuw.
Daarna rijden we
met de bus richting Molde. Eerst rijden we naar de Varden. Dit is een
uitzichtpunt boven Molde en dit is ca 407 meter boven zeeniveau. Je hebt hier
een adembenemend en spectaculair uitzicht over de stad, het Moldefjord, de
verschillende eilanden en de vele met sneeuw bedekte bergtoppen. Het is een
plek waar je gewoon even stil wordt van de schoonheid die je ziet. Daarna
rijden we naar het hotel in Molde.
Ik maak direct
een wandeling door Molde en in het straatbeeld kon ik een prachtig versierd
balkon bewonderen. Het is een visueel feestje vol kleur karakter en speelse
details. Je kan een rij Noorse miniatuurhuisjes zien in verschillende kleuren,
alsof ze een klein dorpje vormen boven de straat. Tussen deze huisjes bloeien
levendige bloemen in rood, roze en oranje, samen met frisgroene planten die het
geheel een levendige, zomerse uitstraling geven. Op de rand van het balkon kon
ik ook een bloempot zien die onder zich een felblauwe jeansbroek aanhad. De
broekspijpen hingen over het balkon en onder de broekspijpen kon je roze
schoenen zien. Eigenlijk is het een mooi kunstobject geworden. Dit soort
balkonkunst is typisch voor steden waar bewoners hun eigen stempel drukken op
de openbare ruimte. Het zegt iets over de levensvreugde en het gevoel voor
humor van de mensen in Molde.
Een opvallend
bouwwerk in het stadsbeeld van Molde is de Domkerk. Deze moderne kathedraal
heeft een 50 meter hoge klokkentoren. Nabij de kathedraal heb je ook een
rozentuin. Deze bevindt zich precies boven het stadhuis van Molde. Het is een
bijzondere plek waar je letterlijk tussen de rozen staat. De tuin staat vol met
geurige en bloeiende rozen in allerlei kleuren. Je kan vanaf hier genieten van
de bloemenpracht en het uitzicht over de Moldefjord. De rozen tuin in Molde is
een charmante en kleurrijke plek die perfect past bij de bijnaam van de stad:
“Rozenstad van Noorwegen”. Ik kan hier ook verschillende lichtkoepels zien
nabij de rozentuin en de Domkerk. Het zijn lichtkoepels op het dak van het
stadhuis van Molde. Ze zijn ontworpen om natuurlijk licht binnen te laten in de
ruimtes eronder.
Op het plein voor
het stadhuis van Molde kan ik een kunstwerk zien van het beeld “Rosepiken”. Het
is een beeld van een jonge vrouw met in de handen een boeket rozen, symbool van
Molde als rozenstad. De meeuw op de kop van het standbeeld is normaal hier. Rondom
haar vind je fonteinen en bloembedden die het plein een romantische sfeer
geven. Op het plein kan ik ook een beeld zien van een jonge saxofonist. Dat
beeld heet Jazzgutten en het is een eerbetoon aan Molde’s rijke jazztraditie.
Het beeld is geen portret van een specifieke muzikant, maar eerder een
symbolische figuur die de geest van jazz en creativiteit belichaamt. Zijn
ontspannen houding en het instrument in zijn handen brengen muziek letterlijk
in het straatbeeld. Ik ervaar Molde als een rustige en charmante stad in
Noorwegen met een overzichtelijk centrum en weinig drukte. In de stad heb ik
nog een muurschildering gezien en daar stond in het groot aan de ene kant een
roos en aan de andere kant een saxofoon getekend. Twee belangrijke symbolen
voor de stad Molde.
Nabij het hotel
zag ik de boot toekomen die de legendarische Hurtigruten-route doet, ook wel
bekend als de postbootroute langs de Noorse kust. De naam Hurtigruten betekent
letterlijk “snelle route” en dat was het ook: de post deed er vroeger weken
over, maar met de boot slechts zeven dagen. Het is opgericht in 1893 door
kapitein Richard With, op verzoek van de Noorse overheid om post en passagiers
sneller te vervoeren naar afgelegen kustplaatsen. De oorspronkelijke route liep
van Trondheim naar Hammerfest, maar werd al snel uitgebreid tot Bergen in het
zuiden en Kirkenes in het uiterste noorden. De volledige tocht duurt 12 dagen
en doet 34 havens aan. Van grote steden tot kleine vissersdorpjes. Het is nu
een mix van cruise en vrachtschip. Je ziet het laden en lossen van goederen.
Vroeger was deze vaarroute essentieel voor post, vracht en vervoer van mensen,
vooral in de winter, toen de wegen onbegaanbaar waren. Nu is het nog steeds een
functionele verbinding, maar ook een toeristische topattractie. Veel mensen
beschouwen het als de mooiste zeereis ter wereld. Het is veel meer dan een
boottocht want het is een reis door de Noorse ziel. Terwijl we op een terras
aan het hotel zitten te genieten zien we de boot terug vertrekken.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten